Actuele producten
Resoluut Sluipwespen
HokoEx
Larvenol 4GR
Knock Pest FlyNip VliegenEmmer (incl. traktatie)
Resoluut Insectenmiddel Prof
Knock Pest Insectenlamp 2x15 Watt
Populaire producten
Bandagemes voor klauwtape
Easy Hoof Dry Pads
Knock Pest Vogel Verschrikker vlieger complete set 7 m
Excellent Cobalt Drench Plus
Excellent Likblok Goldlik (Schaap/lam)
Laatste nieuws
Ratten bestrijden
TIPS VOOR EEN EFFICIËNTE RATTENBESTRIJDINGDe rat is één van de meest voorkomende diersoorten op aarde. Ratten kan men overal aantreffen: in en nabij woningen, schuren, rioleringen maar ook in het open veld, langs water, enz. In Nederland zult u voornamelijk de bruine rat (Rattus norvegicus) aantreffen, maar ook de zwarte rat (Rattus rattus) wordt meer en meer in Nederland aangetroffen. Ratten zijn zogenaamde cultuurvolgers met een zeer groot aanpassingsvermogen en leven graag in de buurt van mensen. Herkenning van rattenOm ratten efficiënt te kunnen bestrijden is het belangrijk te weten waar ze leven en hoe ze eruit zien. Bruine RatLeeft voornamelijk in de nabijheid van water, in het riool, in de kruipruimte, rond agrarische bedrijven en bij opslagplaatsen van (huis)vuil. Zwarte RatLeeft op droge en hoge plekken zoals op zolders, in veevoederbedrijven en agrarische bedrijven.De zwarte rat (huisrat) heeft ten opzichte van de bruine rat (rioolrat) grotere ogen en oren. De staart van de zwarte rat is langer dan die van de bruine rat. Wanneer de staart langer is dan het lichaam hebben we te maken met een zwarte rat. AlgemeenRatten leven in een sociale structuur: er zijn familiegroepen met één dominant mannetje, één of meerdere vrouwtjes met hun nakomelingen (meerdere generaties). Ze herkennen elkaar op geur. Daarnaast zijn er ook individueel wonende dieren. De dominante rat is meestal het oudste dier, dat hoeft echter niet altijd het grootste exemplaar te zijn. In aanwezigheid van vrouwtjes zijn mannetjes agressief tegenover elkaar. Het leefgebied van de rat (is niet gelijk aan zijn territorium) kan heel uitgebreid zijn (tot 3,3 km van het nest), maar meestal worden er slechts kleine afstanden afgelegd. Mannetjes gaan gemiddeld 600 tot 700 meter rond het nest, vrouwtjes 300 tot 400 meter. Ze verplaatsen zich voornamelijk langs gebouwen, houtwallen of beschoeiing (beschut). Soms gaan ze het open veld in, maar dat is uitzonderlijk. Mannetjes verwisselen om de 7 dagen van woon- of rustplaats, vrouwtjes om de 14 dagen. Ratten zijn voornamelijk actief tussen 18.00 uur en 6.00 uur. Ze graven het liefst in losse, droge en licht hellende grond. Soms graven ze tot 3 meter diep, maar over het algemeen gaan ze niet dieper dan 0,5 meter. Ze maken korte gangen met een heel complex gangenstelsel. Oude verlaten nesten kunnen ook opnieuw in gebruik worden genomen. Ratten nemen ook oude konijnenpijpen in gebruik. Het zijn goede klimmers (recht omhoog tegen muren op), kunnen vanuit stilstand 77 cm hoog en 1,2 meter ver springen (zwarte rat zelfs verder), zijn goede zwemmers en kunnen zich (in bijv. een waterton) tot 72 uur drijvende houden. Ze trekken ook heel goed hun plan onder water, maar kunnen niet langer dan 1 minuut kunnen onder water blijven. VoortplantingDe voortplanting van ratten gebeurt het gehele jaar rond. Na de ovulatie (6 tot 12 uur erna) wordt het vrouwtje door talrijke mannetjes achtervolgd. Er zijn in die periode makkelijk 200 tot 500 paringen. De draagtijd bedraagt 20 tot 24 dagen. Een vrouwtje kan wel tot 20 jongen per worp krijgen, maar gemiddeld is de nestgrootte tussen de 6 tot 10 jongen. Een rat heeft gemiddeld 2 tot 6 worpen per jaar. Na 7 à 10 dagen zijn de jongen volledig behaard en kunnen ze zien. De zoogperiode ligt tussen de 3 en 4 weken. Hierna is het jong zelfstandig en de vrouwelijke exemplaren zijn na 3 maanden geslachtsrijp. Wanneer er minder voedsel aanwezig is, zijn er ook minder jongen. Bruine ratten kunnen 3 jaar oud worden, maar in de natuur ligt de overlevingsgraad door verschillende factoren meestal rond 1 jaar. Voor de zwarte rat is dit in beide gevallen ongeveer 1jaar langer. Rond boerderijen bijvoorbeeld leeft (zonder bestrijding) slechts 5 % van de ratten langer dan 1 jaar. ZintuigenEen belangrijk zintuig van de bruine rat is de 'tastzin' (snorharen en tastharen in de vacht). Aan de hand van aanrakingen wordt een beeld gevormd van de omgeving (daarom volgen ratten ook 'structuren' in het landschap en hebben ze een vast 'looppatroon' met wissels). Ook bepaalde 'spierbewegingen' worden gememoriseerd bijvoorbeeld: een sprong naar het hol vanuit een voedselplaats als reactie op een dreigend gevaar. Ratten kunnen verschillende smaken ervaren. Het zicht is relatief onbelangrijk. Ratten zijn kleurenblind en zien weinig scherp (de kleur van een lokaas voor rattenbestrijding speelt dus geen rol). Toch kunnen ze voorwerpen tot op een afstand van 15 meter herkennen. Geur is eveneens een zeer belangrijk zintuig. Ze zetten geurvlaggen af (voor familieherkenning). Het gehoor van de bruine rat is zeer goed ontwikkeld. Ze gebruiken naast herkenbaar en hoorbaar geluid eveneens ultrasoon geluid (cfr. vleermuis). Dit is de reden dat met ultrasoon geluid ratten kunnen worden verjaagd. EetgedragRatten zijn alleseters. Ze eten gemiddeld tussen 15 tot 20 gram per dag. Het eetgedrag is heel sterk afhankelijk welk voedsel ze tijdens het opgroeien hebben gegeten. Ze hebben een grote mate van neofobie voor voedsel: ze kiezen niet snel een nieuwe voedselbron in hun omgeving. Ze eten liever vertrouwd voedsel. Dit is de reden dat het soms moeilijk is om 'volwassen' ratten die gewend zijn om zaden te eten, te vangen met een ander soort lokmiddel. Ratten foerageren ook voedsel (brengen het naar hun nest). Ratten zijn sterk en knagen overal doorheen. De voortanden van ratten groeien continu. Om hun tanden te laten slijten, knagen ratten op harde materialen zoals hout, plastic en zelfs metalen. Als men ’s nachts geknaag, gekras, gescharrel en geritsel hoort boven plafonds, kasten, dakbeschot of muren, dan gaat het waarschijnlijk om ratten. Wanneer de kolonie groot is en het voedselaanbod klein dan wordt de kieskeurigheid een stuk kleiner. Ze gaan zich dan om te overleven aanpassen en soms tot extremen; ze kunnen zelfs kippen, konijnen, duiven of cavia’s aanvallen. Ook muizennesten roven ze leeg. Ratten worden naar onze huizen getrokken als er veel voedsel aanwezig is. Open vuilcontainers, rondslingerende voedselverpakkingen, een grote composthoop of een rijk gevulde moestuin is voor ratten aantrekkelijk. Een rat vindt eigenlijk iedere locatie acceptabel, zolang er maar voedsel in de buurt is. Het bestrijden van ratten begint daarom met het afsluiten en verwijderen van voedselbronnen. De gevarenRatten behoren tot het schadelijkste ongedierte dat in Nederlandse huizen voorkomt. Ratten verspreiden namelijk allerlei ziektes en ziekteverwekkers. Ze dragen hoofdzakelijk bacteriën en virussen bij zich zoals TBC, paratyfus, salmonella, E. Coli, hanta-virussen, varkenspest en de Ziekte van Weil. Maar ook parasieten zoals vlooien, luizen, teken, wormen en mijten. Ratten bevuilen voorraden, apparatuur, meubels en tapijten met hun uitwerpselen. Ze knagen aan levensmiddelen, waardoor deze voedselvoorraden besmet raken en voedselvergiftiging kan ontstaan. Ze vreten tevens aan hout, leidingen en elektriciteitskabels, waardoor schade kan ontstaan aan bouwwerken en machines met zelfs brand tot gevolg door kortsluiting. BestrijdingWe beginnen met observeren en de gehele situatie goed in kaart brengen. Denk hierbij aan het gedrag, de vluchtwegen, de voedselbronnen en verplaatsingspatronen (sporen en wissels). In de meeste gevallen volstaat het om de continue voedselbron waarop de ratten afkomen (groenten, kippenvoer, enz.) weg te halen ! Indien nodig kan bestrijding plaatsvinden door gebruik van rattenklemmen of vangkooien. Klemmen of vangkooienRattenklemmen en vangkooien worden in de vroege schemering op een aantal cruciale plaatsen neergezet: op sporen, wissels en nabij de voedselbronnen. De beste plaats is langs muren, omdat ratten zich het liefst beschut tegen vijanden langs gebouwen verplaatsen. Wilt u voorkomen dat vogels of andere dieren in de klemmen gevangen worden? Gebruik een daarvoor bestemde rattenvoerdoos met klem. Wij adviseren hiervoor de KNOC00146 en KNOC00147. Voor bepaalde toepassingen (bv. kippenhokken) kunnen in- en doorloopvallen worden gebruikt waarin de ratten levend worden gevangen. Plaats het lokaas op de klem of in de vangkooi en zet de val op scherp. Het beste is lokaas met een duidelijke geur en een brede samenstelling, zoals Knock Pest Reward Pellets of Track and Trace Block, te gebruiken. Indien mogelijk; neem de voedselbron van de ratten weg en vervang die door een klem met lokaas. Wordt de klem niet in een voerdoos geplaatst? Zorg er dan in ieder geval voor dat andere dieren (huisdieren) of kinderen niet bij de klemmen kunnen. Haal de klemmen overdag weg, zodat niet-doeldieren en kinderen niet in de klemmen kunnen raken. Het geniet de voorkeur om klemmen in een voerdoos te plaatsen en deze niet te verwijderen! VergifHet is alleen toegestaan rodenticiden (vergif) in te zetten door gediplomeerde plaagdierbestrijders of indien u in het bezit bent van een KBA-licentie. Voor buitengebruik van rodenticiden is een extra aanvullende certificering vereist. Zijn er veel ratten aanwezig, dan is het verstandig een professionele plaagdierbestrijder in te schakelen of wanneer u in het bezit bent van de vereiste licentie/certificering een bestrijding uit te voeren. Er bestaan vele soorten rodenticiden. In de meeste soorten is het werkend bestanddeel een bloedverdunner (anticoagulant). Onze voorkeur gaat uit naar Muskil. Muskil bevat namelijk 2 werkzame stoffen en is zeer smakelijk. Door de combinatie van 2 werkzame stoffen en de onweerstaanbare smaak bent u zeker van een snelle en effectieve bestrijding. Gebruik Muskil veilig. Lees voor gebruik eerst het etiket en de productinformatie. VeiligheidZorg tijdens het bestrijden van ratten voor de nodige veiligheidsvoorzieningen. Draag altijd handschoenen. Zowel bij werken met vergif als met andere vangmiddelen. Was altijd de handen na gebruik. Aanvullende informatie nodig?Lukt het ondanks deze informatie niet om de ratten efficiënt te bestrijden, neem dan contact met ons op. Wij zitten voor u klaar om advies te geven en kunnen u eventueel in contact brengen met een plaagdierbestrijder bij u in de buurt.
Slepende Melkziekte
Slepende Melkziekte wordt ook wel Ketose genoemd. Dit probleem treedt meestal een aantal dagen na de start van de lactatie op, wanneer een koe gekalfd heeft. De koe verkeert dan in een zogenaamde negatieve energiebalans, wat inhoudt dat de koe niet meer voldoende energie kan halen uit het dagelijkse rantsoen. Eigenlijk ligt de pens dan stil. Koeien worden traag en de eetlust neemt gedurende de indicatie 'slepende melkziekte' verder af, de meeste koeien stoten dan een acetonlucht uit die goed te ruiken is. Wat is de oorzaak van Slepende Melkziekte?Doordat de koe zoveel energie heeft verbruikt tijdens het afkalven, is een opname van voeding en energie een must na het afkalven. Is de inname van energie minder dan de energie die de koe nodig heeft, zal de koe in een negatieve energiebalans raken. Het gevolg hiervan is dat de koe zijn eigen lichaamsvet gaat afbreken, bij dit proces worden zogenaamde ketonen gevormd. Een koe kan slechts kleine hoeveelheden van deze afvalstof verwerken. Wordt dit teveel, dan zal de stofwisselingsziekte ketose ontstaan. Gevolgen van Slepende Melkziekte?Slepende Melkziekte veroorzaakt een verminderde weerstand. Dit heeft tot gevolg dat de koe veel vatbaarder wordt voor allerlei ongemakken zoals; mastitis, klinische kreupelheid, baarmoederontsteking, lebmaagverdraaiing. Gezien de kosten van deze aandoeningen is het advies dus absoluut om koeien direct na het afkalven ter preventie van slepende melkziekte te behandelen. Behandeling van of het verminderen van het risico op Slepende Melkziekte?Na het bovenstaande gelezen te hebben is het dus belangrijk om de koe uit de negatieve energiebalans te halen en dit kan eigenlijk niet door alleen maar het energietekort aan te vullen. Ga je alleen energie aanvullen d.m.v. een propyleenglycol, dan zie je ook vaak dat een koe na een aantal dagen weer terugvalt en ben je eigenlijk weer terug bij af. Maar wat werkt dan wel? Naast energie is het dus ontzettend belangrijk om de pens van de koe te heractiveren. Hierdoor gaat de koe zelf weer energie uit het rantsoen halen. Voorkomen is beter dan genezen!Dat is natuurlijk het mooiste. Er zijn 2 methodes die het aantal slepende melkziekte-gevallen extreem verminderen, namelijk:Het constant verstrekken van Toprium vlak voor en ca. 60 tot 80 dagen na het afkalven of het verstrekken van een droogstandsbolus zoals de Cattle Bullet. Wil je nog een boost in klauwgezondheid, dan is de UNO Dry een aanrader.
Aflammertijd
Ongeveer 50% van alle arbeid bij het houden van schapen komt tot uiting in het aflammerseizoen. Het is dan ook belangrijk om deze tijd goed voor te bereiden. Kijk hierbij niet alleen naar de (kraam)stal, maar zorg er ook voor dat u alle benodigde hulp- en ontsmettingsmiddelen op voorraad heeft. De belangrijkste producten voor de lammertijd: Lange handschoenen Verloskoord Ademhalingsstimulerend middel (Respi Boost) Colostrum (Colstart Plus) Jodiumtinctuur Glijmiddel Energiebooster (Enerfit Lam) Baarmoederpillen (Pessaria Capsules) Schedereiniging (Citonol) De geboorte van het lam Bij ooien die drachtig zijn, zijn er enkele algemene signalen die aangeven dat de geboorte op komst is. U herkent bijvoorbeeld dat de ooi: Zich afzondert. Schapen zijn kuddedieren en zodra een dier zich afzondert, is er (bijna) altijd wel iets aan de hand. Dit kan een naderende bevalling zijn, maar kan ook duiden op ziekte. Onrustig is. De ooi gaat op zoek naar een plaats om te werpen en wordt hier onrustig van. Dit kan zich uiten in het continu opstaan, een rondje lopen en weer gaan liggen. Ook kunnen andere ooien weggejaagd worden. Veel krabt, likt of rondjes loopt. Een ooi kan, bij een op komst zijnde bevalling, veel met de voorpoten in het stro krabben of veel rondjes lopen. Vaak is dit zelfs terug te zien aan het stro, waar een duidelijk spoor zichtbaar is. Soms likt een ooi ook veelvuldig met de tong langs de lippen. Naar achteren kijkt. Het is mogelijk dat de ooi veel naar achteren – en naar de buik – kijkt, aangezien ze daar iets vreemds voelt. Een gemiddelde bevalling kan in drie periodes onderscheiden worden: Eerste periode: de uier zal opzwellen en de huid van de uier wordt rood en strak gespannen. Ook de kling zwelt op en wordt rood en het weefsel rond de geboorteweg wordt losser. Tweede periode: in deze periode wordt de baarmoeder door weeën geopend en volgt de ontsluiting. Ook worden de vruchtblazen in de schede geperst, waar ze – door de verhoogde druk – uiteindelijk zullen springen. Door de ooi tot deze periode in het koppel te laten en hierna pas in een kraamhok te plaatsen, zegt men dat de bevalling vlotter verloopt. Ook blijven de kraamhokjes zo schoner, doordat ze niet nat worden van het vruchtwater. Derde periode: de ooi wordt onrustiger en de weeën worden ondersteund door persen. De vrucht belandt in de schede en wordt vervolgens naar buiten geperst. Dit kan van ongeveer een half uur tot enige uren duren. De meeste lammeren worden in de kopligging geboren. Dit houdt in dat de kop, tezamen met de voorpoten, als eerste naar buiten komt. Ongeveer 10% van de lammeren komt in stuitligging ter wereld en hebben dan ook hulp nodig. Zorg er voor dat het lam goed komt te liggen, maar wees hier voorzichtig mee. Indien dit niet lukt, schakel dan zo snel mogelijk de hulp van een dierenarts in. Raadpleeg bij twijfel altijd uw dierenarts! Na de geboorte van het lam Na de geboorte is het belangrijk dat de ademhaling goed en snel op gang komt. Verwijder meteen het geboorteslijm uit de neus en bek. Ook kan het helpen om koud water over de kop en hals te gieten of het dier – door het bij de achterpoten te pakken – heen en weer te slingeren. Na circa 30 seconden legt u het lam in borst-buikligging op de grond en dient u Respi-Boost ademsstimulans toe in beide neusgaten en de bek. Indien nodig kunt u het lam beademen door achter het lam te gaan staan en uw vingers achter de ribboog te haken en naar buiten te trekken en met de vlakke handen de ribwanden weer samen te drukken. Dit doet u met een frequentie van ca. 10 beademingen per minuut. Kies de beste biest Zwakke lammeren kunnen eenvoudig warm gehouden worden met een warmtelamp. Ook is het van belang dat de pasgeboren lammeren goede biest toegediend krijgen. Biest bevat de hoognodige vitamines en antistoffen en is bovendien rijk aan energie. Is het niet mogelijk om de biest direct van de ooi te gebruiken, kunt u overstappen op kunstbiest, zoals Colstart Plus. Dit lijkt qua samenstelling spreken op de originele biest en biedt de beste start voor het lam. Indien een lam te zwak is om zelf te drinken, kunt u ze (kunst)biest geven met behulp van een maagsonde.Maak hiervoor de biest aan volgens de gebruiksaanwijzingen op het zakje en vul de spuit. Neem vervolgens het lam op schoot met de rug tegen uw buik. Breng de sonde in de bek en duw het voorzichtig in de slokdarm. Hierbij is het van belang dat het lam goed slikt en de sonde niet in de luchtpijp terecht komt. Zodra dit wel gebeurt, zult u dit snel merken aan het lam, dat begint te hoesten of zich verzet. Let er op dat u niet langer dan twee dagen voeding via de sonde toedient. Indien u geen ervaring heeft met het toedienen van sondevoeding of hier vragen over heeft, raadpleeg dan altijd uw dierenarts! Zorg voor een schoon verblijf Rondom de geboorte en de eerste dagen van het lam is het belangrijk dat het verblijf goed schoon en droog is. Door het ruim strooien van stro voorkomt u navelinfecties en diarree. De kans op navelinfecties kan ook verkleind worden door direct na de geboorte, de navel te ontsmetten met jodium. De beste kans op succes in de lammertijd! De meeste lammeren sterven door onderkoeling of een slechte hygiëne of nazorg. Zorg er dus altijd voor dat de bevalling zo hygienisch mogelijk verloopt, het verblijf zo schoon mogelijk. wonden en open plekken goed ontsmet worden, de lammeren snel en juist drinken en goed warm gehouden worden. Op deze manier zal de uitval zo laag mogelijk zijn!


